Waar zijn kansen goed voor?

De kans dat ik uit een vaas met zes rode en vier witte knikkers een rode knikker pak, valt uit te rekenen. Namelijk 0,6. De kans dat ik uit een vaas met 99 rode en één witte knikker de witte knikker pak is 0,01. Erg klein dus, maar de kans is er wel. Als de kans 0,01 is dat je ziek wordt, ga je er dan al vanuit dat je niet ziek wordt? De kans is er overigens wel, maar heel miniem. Als je dan toch ziek wordt is dat ‘pech gehad’ en is het uitzieken geblazen. Op kansen valt niet te rekenen, wanneer de tien mensen voor je een blauwe knikker pakken en de kans op een blauwe knikker 0,5 is, kun je er niet vanuit gaan dat jij geen blauwe knikker pakt. Waar zijn die kansen dan wel goed voor?

Kansen geven ons hoop en ze vallen ons ermee lastig bij wiskunde. Meer niet, je kunt niet vertrouwen op kansen, behalve als een kans één of nul is. En zelfs dan is er vaak sprake van een kans van 0,987 of 0,0025 die in de volksmond worden afgerond. Een kans van één bij iets positiefs en een kans van nul bij iets negatiefs, klinkt natuurlijk veel beter. Maar is niet de waarheid, het geeft ons enkel meer en meer hoop.

Ik werd vandaag gegrepen door een kans
~Loesje

Eén op de vier jongeren tussen de twaalf en negentien heeft zichzelf weleens opzettelijk pijn gedaan of doet zichzelf weleens opzettelijk pijn. De kans hierop is dus per persoon 0,25. Klinkt niet zo groot. Stel je hebt een vriendengroep van acht jongeren, dan kan het best zijn dat zes jongeren zichzelf pijn of hebben pijn gedaan. Maar het is dus ook mogelijk dat je een vriendengroep van acht jongeren hebt, waarvan nog nooit iemand zichzelf pijn heeft gedaan of pijn doet.

Als je bedenkt dat een vijf havo klas bestaat uit 28 leerlingen, dan zouden, volgens de kans 0,25, acht jongeren zichzelf weleens beschadigd hebben of zichzelf regelmatig beschadigen. Misschien klinkt dit jou niet schokkend in de oren. Maar laten we het eens hebben over een school, met als voorbeeld die van mij. 1300 leerlingen in de leeftijdscategorie twaalf tot en met negentien. Dan zouden er dagelijks 325 jongeren door hetzelfde gebouw lopen als ik, die zichzelf weleens opzettelijk pijn doen of hebben gedaan.

Aan de andere kant is de kans dat iemand zichzelf nooit heeft pijn gedaan 0,75, dat fors groter is dan 0,25. Er zijn dan ook 975 jongeren, volgens de kans van 0,75, op school die dagelijks langs mij heen lopen en zichzelf nooit pijn doen of hebben gedaan. Dat de kans dat een jongere zichzelf geen pijn doet en/of ook nooit heeft gedaan, geeft mij hoop voor elke jongere die ik dagelijks passeer.

Soms zetten deze kansen mij nog verder aan het denken. Mijn ‘schoolvriendinnen’ groepje bestaat uit zo’n twintig meiden, volgens de kans van 0,25 zouden daarvan vijf meiden zichzelf weleens opzettelijk pijn doen of pijn hebben gedaan. Daar kun je mij dan natuurlijk vanaf trekken, dan zijn er nog vier over. Maak ik de kans dat één van de andere meiden zichzelf weleens opzettelijk pijn doet of pijn heeft gedaan dan kleiner? Ik hoop het.

Bron.

7 gedachtes over “Waar zijn kansen goed voor?

  1. Je noemt 1 op de 4 klein.. maar inderdaad als je t doorrekend is het enorm. De cijfers zijn (gelukkig) ook iets lager dan dat, het onderzoek had nogal wat randjes.

    Maar het blijft veel. Net als depressie etc.. als je na gaat denken zou je zo al een handvol mensen moeten kennen (volgens de cijfers). Ik vind t dan ook raar dat er zoveel mensen niet snappen wat het is en ‘onwetend’ zijn als t gaat om psychisch leed.

    Succes met je wiskunde. 🙂

    Geliked door 1 persoon

Ideas are like assholes. Everybody has one. Tell me yours ;)

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s